Apsis in het bos (park)

Dat ik in een park, nee: bos, nee: iets daartussenin wandelde, en een licht beschaduwd plekje zag, met een stuk boomstronk, veel hoge varens, met nét genoeg ruimte om een klein schutkleurig tentje achter te verschuilen en dat ik dacht: het zou best prettig kunnen zijn, om daar een nachtje, of langer (zo lang als nodig) te verblijven. Met halve liter bierblikken binnen handbereik, en meteen bedacht ik al, dat je die onder de aarde zou kunnen ingraven, dan worden ze vanzelf koel. En dat ik dan dáár alleen zou zijn; net te ver weg om het gezeik niet te horen, en net dichtbij genoeg om in geval van calamiteiten nog het hazepad te kunnen kiezen richting bewoonde grond. Hoewel dat ook wat twijfelachtig zou kunnen zijn, zo snel loop ik niet.

Ik zou ook een plasgootje graven, dat wat schuin naar beneden zou lopen in tegengestelde richting van mijzelf, en uiteraard een eindje verderop. Het tentje moest zo klein mogelijk zijn, en in de kleuren van de bomen, de bladeren, aarde.
Googlen en ja, ik vond de Ferrino Sling tent.
Wervende tekst ook, als je weet wat een apsis is:
“Product beschrijving Ferrino Sling 1P Tent

Het is gewoon een van de meest compacte tenten op de markt: de Ferrino Sling 1-tent is ontworpen voor trekking en onafhankelijke reizen. Stel je voor Sling 1 als het is gevouwen: het is slechts 32 cm lang en 12 cm breed. Maar het biedt een kamer van 220 cm lang en 80 cm brede schouders. En we hebben een apsis bij de ingang van winkelmateriaal.” (bron: zoek het zelf even op, ik ben geen influencer).

Ik wist niet wat een apsis is. Verder googlen dus:
“Een apsis of abside (absidiool) is een halfronde, of veelhoekige, nisvormige ruimte aan een basilica, kerk, kathedraal of tempel.” (bron: Wikipedia)

Meteen dacht ik aan Johan Tahon, de kunstenaar met de net niet omkeerbare naam, waarvan je dat iedere keer weer even checkt of het niet toch écht wel zo zou zijn, met een tijdelijke werkplek in een kerk in zijn woonplaats. Een aantal van zijn beelden zouden prima naast en rond mijn gewenste tent kunnen staan. Als poortwachters, sfinxen, mascottes misschien.

Maar goed, die webwinkeltekst spreekt van een apsis van winkelmateriaal. Moet ik mij een nisvormige ruimte voorstellen, gevormd door stellingkasten en reclameborden?

Ik heb nog niet tot een keuze kunnen komen. Ga ik het bos (park) in, of blijf ik de medemens trotseren vanuit mijn 3-kamermaisonetteke in een gegentrificeerd te worden stadsgebied? Okee, het idee was één nacht, met uitloop; maar stel dat het me heel erg bevalt, en dat ik niet meer terugwil?
Ik kon er niet over nadenken. Dus wandelde ik verder en verder en verder. Tot ik in een ander bos (park) kwam, in een heel ander district, in een heel andere mood.
En daar in het midden van al het mooie groen, de bladeren, de boomstronken hier en daar op de grond gevlijd om het mos en de diertjes ook wat te bieden, zag ik een rode schaatsmuts. Met daaronder een grijzende baard. Voordat ik het gezicht zag, keek ik weg. Ik wilde de man niet storen. Want als ik het zelf zou zijn geweest, had ik ook graag met rust gelaten willen worden.
En hij had dan wel geen tent, maar huisde in zijn gebreide, rode apsis, en dat was genoeg. Voor dan.